Van directe rede naar indirecte rede.


Zet de zinnen in de indirecte rede.
De gemene toverkol fluisterde: "Nou wordt Sneeuwwitje nooit meer wakker."

De dwergen riepen huilend: "We zullen Sneeuwwitje in een glazen kist leggen."

De prins vroeg: "Wie is dat mooi meisje?"

Sneeuwwitje zei verbaasd: "Ik heb wel heel lang geslapen."

De prins vroeg: "Sneeuwwitje, wil je met me trouwen?"